Vrij 14 nov. 2008,
Het Bossche Makershuis Boschveld, 19.00 en 21.00.
Willem Boogman.
Niet zomaar een concert, maar een concertante uitvoering van een project waarin Wetenschap, Kunst en Leven (met hoofdletters!) met elkaar verweven zouden worden. Zo werd Sternenrest een week voor de wereldpremiere voorafgegaan door een aantal lezingen van een asteroseismoloog, een muziekfilosoof, en een fenomenoloog. Bovendien moet komend jaar ook nog een uitvoering met videobeelden van Mateusz Hercka plaats gaan vinden. En tenslotte wordt er in het werk ook nog eens gebruik gemaakt van 192 luidsprekers, aangestuurd met behulp van wave field synthesis.
Ook de inleidende tekst in het programmaboekje belooft een compositie waaraan de nodige voorstudies en vakoverstijgende kennisvergaring (voor elk deel van de compositie heeft telkens één bepaalde ster model heeft gestaan) voor vooraf is gegaan.
Kortom: hooggespannen verwachtingen!
Heel subtiel begint het stuk met een gitaarsolo waarbij Olaf Tarenskeen met een steentje de omwikkelde laagste snaren van de gitaar bespeeld. Het effect is heel spannend; boventoonrijke dalende glissandi en percussieve effecten door ermee op de hals te tikken. De glissandi blijken een vooruitwijzing op wat er zich in het tweede deel af zal spelen in de electronica. (Jammer trouwens dat dit eerste deel geen gebruik maakt van de ruimtelijke mogelijkheden van wave field synthesis, maar gewoon uit één versterkertje komt)
In het tweede deel bespeelt Arnold Marinissen 22 glazen objekten, varierend van een glazen tafelblad, tot glazen onderzetters en een lampekap. Deze klanken worden in al dan niet bewerkte vorm in de elektronica overgenomen.
Het begint me op te vallen dat ik alleen maar de speakers achter me hoor, en een deel van de speakers rechts van me. Ik neem niets waar dat van voren komt. (Het publiek bevindt zich tussen een vierkant van speakers) Bovendien moet ik vaststellen dat de fysieke ervaring van klank die ik had tijdens het concert van Thomas Ankersmit, hier tot mijn verbazing ontbreekt. Ook had ik vurig gehoopt op laag overvliegende ‘unidentifiable flying sound objects’, maar ik hoorde enkel achter me langs rollende klanken. Misschien lag het aan de plek waar ik zat….
In het laatste deel, Liminale, nam het Spectra Ensemble plaats aan weerszijden van de speakers. Ze spelen fraaie akkoorden in een traag tempo, een requiem voor een tot zwart gat versmeltende pulsar.
Het universum is natuurlijk oneindig groot, en tijd wordt een volstrekt relatief begrip in dergelijke ruimte, maar tussen al die langgerekte klanken had ik gek genoeg, ondanks de voortdurend roterende elektronische klanken, af toe wel wat behoefte aan wat meer ‘beweging’. Ik voelde me soms toch wat verloren in die oneindigheid; verdronken in de mijmerende fascinatie van een componist voor de sterrenhemel, die op sommige momenten voor de luisteraar eveneens fascinerende klanken opleverde.
Door: Miranda Driessen.
