Za 14 nov. 2009.
Verkadefabriek; 19.00.
‘Dromomania – a Still Life’; compositie van Marko Ciciliani.
Voorafgaand aan de voorstelling had ik geen tijd om me te verdiepen in de in het programmaboekje aangekondigde inhoud. Ik ging dus geheel en al blanco naar binnen, zonder al te gespannen verwachtingen van wat het worden zou. Dat kan voordelen hebben, maar in dit geval bleek zelfs dat niet te helpen….
Pianisten Sonsoles Alonso en Moritz Eggert spelen de eerst 10 minuten elkaar voortdurend na; soms snel achter elkaar, soms in afwisselende frases. Dat is best aardig om te horen voor een tijdje, maar op een gegeven moment heb je als luisteraar het trucje wel door. Maar goed, ik dacht hier en daar nog wat Nancarrow-achtige elementen te horen, best ‘leuk’. En ook de vondst om afwisselend dan de ene, dan de andere pianist met een plectrum over de snaren te laten raggen, terwijl de ander in hetzelfde toongebied snelle noten speelt, is best een tijdje aardig om naar te luisteren.
Plompverloren volgt er ineens een intermezzo waarin de elektronica het overneemt en de pianisten hun instrumenten verplaatsen. Met zijn tweetjes gaan ze aan de slag met iets dat lijkt op een microfoon, maar wat achteraf lezend in het tekstboekje waarschijnlijk lasers moeten zijn geweest, op de snaren krassen en tikken. Helaas geeft dat nou niet echt een verassend geluidseffect. En dan begint de verveling toe te slaan. Kijk, ik heb niks tegen experimenterende componisten, integendeel, maar vervolgens wil ik als luisteraar dan wel graag de uitkomsten daarvan in een compositorisch bewust vormgegeven geheel kunnen beluisteren en niet het experiment zelf.
Daarna werden de piano’s nog eens 2 keer verplaatst, en kwam het gerag met plectrum over de snaren, dat we in het eerste gedeelte al hoorden, nog eens 10 minuten terug. (zucht) Enfin aan mijn nogal ongenuanceerde beschrijving kun je wel lezen dat ik inmiddels lang en breed afgehaakt was.
Maar wat lees ik tot mijn verbazing in de vooraankondiging? Ik zou mij in een ‘flitsende tijdreis’ hebben bevonden! Het deed mij meer denken aan het langdurig verveeld rondhangen in vliegveld lobby’s.
Door: Miranda Driessen.
